Translation of part-timer from English into Dutch
Noun
employment
- She is a part-timer at the local cafe.Ze is een parttimer in het lokale café.
sports
- The team used a part-timer to bowl the last over.Het team gebruikte een gelegenheidswerper om de laatste over te bowlen.
Synonyms and analogies of part-timer in English
Examples of part-timer in a sentence
As a part-timer, he doesn't receive full benefits. The part-timer surprised everyone with a wicket. Our part-timer can be quite effective in tight matches.
Translations of "part-timer" in Context ordered by category and frequency
We need a part-timer for our live video streaming for the visual radio.
We hebben een parttimer nodig voor de videostream van de radio.
I want to be an illustrator, not a part-timer.
Ik wil illustrator worden, geen parttimer.
If a part-timer has been paid for 6 months, insert '26' weeks.
Indien een deeltijdwerknemer voor zes maanden is betaald, moet "26" weken worden ingevuld.
part-timer: Examples and translations in context
Regular employees belittle her by calling her a part-timer or a mercenary.
Gewone medewerkers kleineren haar en noemen haar parttimer of gedetacheerde.
Wait, this young lady here isn't a part-timer?
Dus deze jongedame hier is geen parttimer?
My part-timer quit so I'm working double shifts for the rest of the week.
Mijn parttimer is gestopt, dus heb dubbele diensten voor de rest van de week.
We need to find a new part-timer.
Er is een nieuwe parttimer nodig.
I can't afford to be handcuffed by some... part-timer who thinks she knows what's right.
Ik wil niet in de boeien worden geslagen door een parttimer die denkt te weten wat goed is.
I can't afford to be handcuffed by some... part-timer... who thinks she knows what's right.
Ik wil niet in de boeien worden geslagen... door een parttimer die denkt te weten wat goed is.
In contrast, five weeks' holiday entitlement for a part-timer who works 60 % of the normal full-timer's hours (variable 2.7.1) represents an entitlement to only 15 'full' days of leave.
Daarentegen telt een recht op vijf weken vakantie voor een deeltijdwerknemer die 60 % van de normale uren van een voltijdwerknemer werkt (variabele 2.7.1) voor een recht op slechts 15 "voltijdse" vakantiedagen.
His name is Saiban and he works for me as a part-timer.
Zijn naam is Saiban en hij werkt voor mij als parttimer.
See also: