Translation of assertion from English into Dutch
Noun
declaration
act of stating something confidently- Her assertion of innocence was firm.Haar verklaring van onschuld was standvastig.
self-expression
act of standing up for one's own rights, opinions, or interests- Her assertions protected her rights during the meeting.Haar zelfhandhaving beschermde haar rechten tijdens de vergadering.
technology
- The assertion failed during the test run.De assertie mislukte tijdens de testrun.
Expressions with assertion: examples in English and translations in Dutch
Synonyms and analogies of assertion in English
Examples of assertion in a sentence
The lawyer's assertion was backed by evidence. Joining the union was an assertion of workers' rights. Her calm assertion of boundaries changed the conversation. An assertion caught an unexpected error. The program halted at the assertion.
Translations of "assertion" in Context ordered by category and frequency
His assertion that the book was plagiarized caused quite a scandal.
Zijn bewering dat het boek plagiaat was, veroorzaakte een flinke rel.
Her assertion that the policy would change soon proved to be correct.
Haar stelling dat het beleid binnenkort zou veranderen, bleek te kloppen.
Get me copies from any newspaper... that printed anything about that assertion.
Breng me iedere krant die iets publiceerde over die verklaring.
She made an assertion about the safety of the new product.
Zij deed een uitspraak over de veiligheid van het nieuwe product.
On the front there's a beautiful assertion of imperial status.
Aan de voorzijde er is een mooie bevestiging van keizerlijke status.
the assertion, due to inexcusable negligence, of a fact the existence of which is indisputably refuted by the case-file
vaststelling, als gevolg van een onverschoonbare onzorgvuldigheid, van een feit dat door de processtukken onweerlegbaar wordt weersproken
Other translations for assertion:
- instellingnf.
- opmerkingnf.
- argumentnn.
- constateringnf.
- zelfverzekerdheidnf.
assertion: Examples and translations in context
His assertion about the project deadline surprised everyone in the meeting.
Zijn stellige bewering over de projectdeadline verraste iedereen in de vergadering.
Making a sweeping assertion about all teenagers is unfair and inaccurate.
Een algemene bewering doen over alle tieners is oneerlijk en klopt niet.
A sweeping assertion like that can alienate people who have different experiences.
Zo'n algemene bewering kan mensen van je vervreemden die andere ervaringen hebben.
Her sweeping assertion that the project would fail was not based on evidence.
Haar algemene bewering dat het project zou mislukken, was nergens op gebaseerd.
The report included a sweeping assertion that failed to consider all data points.
Het rapport bevatte een algemene bewering die geen rekening hield met alle gegevens.
During the debate, he made a sweeping assertion that was quickly challenged.
Tijdens het debat deed hij een algemene bewering die al snel werd aangevochten.
A sweeping assertion often weakens the argument by ignoring specific evidence.
Een algemene bewering verzwakt vaak het betoog doordat specifieke bewijzen worden genegeerd.
His paper-thin assertion didn't hold up during the group discussion.
Zijn flinterdunne bewering hield tijdens de groepsdiscussie totaal geen stand.
See also: