opschepper
Translation of opschepper from Dutch into English
Noun
- Everyone knows Jake is a big talker at parties.Iedereen weet dat Jake een opschepper is op feestjes.
- Don't listen to that blowhard bragging again.Luister niet naar die opschepper die weer aan het pochen is.
- Tom is such a show-off at parties.Tom is zo'n opschepper op feestjes.
- The boaster couldn't stop talking about his new car.De opschepper kon niet stoppen met praten over zijn nieuwe auto.
- Tom is such a bragger about his new car.Tom is zo'n opschepper over zijn nieuwe auto.
Adjective
- He said he won the lottery, but I think he's full of it.Hij zei dat hij de loterij had gewonnen, maar ik denk dat hij een leugenaar is.
Expressions with opschepper: translations and examples in English
Synonyms and analogies of opschepper in Dutch
Other examples with opschepper
Translations of "opschepper" in Context ordered by category and frequency
Tom is een opschepper die altijd stoeft over zijn dure auto.
Tom is a show-off who always brags about his expensive car.
Je weet, ik ben geen opschepper.
And you know I'm no braggart.
Ze stond bekend als een opschepper die haar successen vaak aandikte.
She was known as a bragger who often exaggerated her success.
In tegenstelling tot de opschepper bleef zij stil over haar prestaties.
Unlike the boaster, she remained quiet about her achievements.
Veel mensen vinden hem een opschepper die zijn levensverhalen zwaar aandikt.
Many consider him a big talker who exaggerates his life's stories.
Als het er op aan komt, de man is een opschepper.
When it comes down to it, the guy's a showoff.
Een opschepper bederft vaak de sfeer met zijn luide en arrogante gezwets.
A blower often ruins the mood with his loud and arrogant chatter.
Oké, opschepper, maak er een.
All right, loudmouth, do one.
Other translations for opschepper:
- showboatn.
- tinhornn.
- bigmouthn.
- struttern.
- name-droppern.
opschepper: Examples and translations in context
Niemand mag een opschepper op feestjes die voortdurend uitpakt met zijn prestaties.
Nobody likes a show-off at parties who constantly boasts about achievements.
Die opschepper bleef het gesprek onderbreken om grappige verhalen te vertellen.
The show-off kept interrupting the conversation to tell funny stories.
Een opschepper overdrijft vaak zijn prestaties om bewondering te krijgen.
A show-off often exaggerates achievements to gain praise from others.
Mark was zo'n opschepper die bij elke quiz zijn kennis uitgebreid stond etaleren.
Mark was a show-off who always showed off his knowledge during quizzes.
Een opschepper zijn helpt je niet om echte vrienden in de klas te maken.
Being a show-off won't help you make genuine friends in class.
Alleen een opschepper probeert indruk te maken op vreemden met verzonnen verhalen.
Only a show-off would try to impress strangers with fake stories.
De atleet werd gezien als een opschepper omdat hij zijn medailles altijd stond te tonen.
The athlete was considered a show-off because he always flaunted his medals.
Wees geen opschepper; bescheidenheid is aantrekkelijker dan voortdurend opscheppen.
Don't be a show-off; humility is more attractive than bragging all the time.
See also: